“De cijfers hebben me overtuigd: ik rijd goedkoper” | Wij Rijden Elektrisch

U bent hier

“De cijfers hebben me overtuigd: ik rijd goedkoper”

 

Johan Patfoort kocht drie en een half jaar geleden een Tesla Model S: een beslissing waar hij nog geen minuut spijt van heeft gehad. Met 70.000 kilometer per jaar bleek comfort een belangrijk factor, maar vooral het financiële aspect gaf de doorslag. Johan vertelt met volle goesting.

“Als vertegenwoordiger van spouwmuurisolatie leg ik jaarlijks heel wat kilometers af. Gemiddeld zo’n 70.000 kilometer. Mijn auto en ik zijn dikke vrienden, want we brengen veel tijd met elkaar door. Vroeger reed ik met een superzuinige Toyota Prius, op gas en elektriciteit. 3,5 jaar geleden wisselde ik die in voor een Tesla Model S.”

Rijbereik

“Wat me echt over de streep trok, waren de cijfers. Met een batterij van 85 kWh beschik ik over een rijbereik van zo’n 400 kilometer met een volle batterij. Ik kan niet klagen. We zijn enkele jaren verder, en op die 400 kilometer heb ik amper tien kilometer moeten inleveren. De batterijslijtage valt dus goed mee.”

De cijfertjes

Fiscaal voordeel

“Bovendien heeft de auto me ook financieel al heel wat voordeel opgeleverd. Tot op het punt dat ik er nu zelfs geld aan verdien, mede dankzij de kilometervergoeding van mijn werkgever. In eerste instantie betaal je amper belastingen: ik betaal slechts 68 euro verkeersbelasting. Daarnaast zijn de auto, onderhoudsbeurten en andere facturen voor 120% fiscaal aftrekbaar als je een BTW-nummer hebt. Mijn boekhouder liet me weten dat de auto me al 29.500 euro aan fiscaal voordeel heeft opgeleverd.”

Brandstofkosten

“Opladen aan een Tesla-laadpaal kost niets, in tegenstelling tot klassieke laadpalen. Op drie en een half jaar tijd heb ik al 24.960 euro uitgespaard aan brandstofkosten, in vergelijking met een gelijkaardige dieselwagen van 8 liter per 100 kilometer. Die berekening heb ik gemaakt op basis van een gemiddelde dieselprijs van 1,3 euro per liter. Samen met het fiscale voordeel komt dat neer op 54.460 euro. Dat kan al tellen, want de auto kostte in totaal zo’n 68.000 euro.”

Verzekering

“Mijn verzekering bedraagt ook slechts 162 euro per jaar. Een omnium-verzekering heb ik aan me laten voorbijgaan. Dat lijkt vreemd voor zo’n dure wagen, maar de auto heeft zo veel sensoren en snufjes dat ik de kans op een ongeval niet erg hoog inschat. Zet je hem op halfautomatische piloot, dan houdt hij rekening met de wegcode en de snelheidslimiet. Zelfs wanneer die verandert: als je de bebouwde kom binnenrijdt, bijvoorbeeld.”

Remmen

“Nog zo’n snufje zijn de remmen: als ik het gaspedaal loslaat, remt de auto vanzelf voldoende af. Alleen voor de laatste meters druk ik op het rempedaal. Daardoor zullen mijn remblokken waarschijnlijk nooit verslijten: weer een kost die je mooi uitspaart.”

Garagekosten

“Ook al heeft de wagen al 240.000 kilometer op de teller staan: ik heb nog geen euro uitgegeven aan garagekosten. Het onderhoud van een elektrische auto is sowieso veel goedkoper, maar de fabrikant biedt ook acht jaar garantie op elk technisch defect. Bovendien is zowel het chassis als de carrosserie gemaakt van aluminium in plaats van metaal, waardoor de auto nooit roest. Tesla is bij mijn weten de enige die alles in aluminium maakt. Duur is het wel, maar ook kwalitatief.”

Banden

“Dankzij mijn rustige rijstijl zijn mijn eerste set banden 140.000 kilometer meegegaan. Ik zit nu aan mijn tweede set. Na 100.000 kilometer zien de profielen er nog goed uit. Op termijn zal de vervanging van de batterij natuurlijk geld kosten. Maar na 240.000 kilometer merk ik nog geen significante achteruitgang. Volgens de fabrikant gaat de motor bovendien 2.000.000 kilometer mee. Ik doe 70.000 kilometer per jaar, dus de elektrische motor zou 30 jaar moeten meegaan.”

Laden

“De publieke laadpalen gebruik ik nooit. Die laden trager dan de Tesla-palen, en de elektriciteit kost het dubbele van thuisladen in de stekker.”

Autofreak

“Zelf rijd ik zo’n 10 jaar met een wagen. Ik ben een echte autofreak: ik heb ook een Porsche in de garage staan. Toch merk ik dat ik de laatste tijd bijna exclusief de elektrische wagen neem. Dat zegt wat: het comfort is optimaal, zelfs op de autostrade waar ik steeds de functie ‘automatisch sturen’ inschakel. Volgens mij zijn er niet veel andere wagens die aan deze kunnen tippen.

Eind dit jaar gaan we naar Portugal. We twijfelden om met de Prius te gaan, maar besloten toch de elektrische wagen te nemen. Laadpalen zijn er genoeg. Op de ingebouwde kaart zie je per land een rood logootje staan op de locaties van de palen. Het voelt dus zeker niet aan alsof we een risico nemen, de GPS kiest automatisch de best gelegen laadpaal als tussenstop. Bijkomende plus is dat die laadpalen vaak in de buurt van Horeca-gelegenheden zijn. Met het geld dat ik uitspaar aan de laadbeurt ga ik dus lekker uit eten.”

Aanrader?

“Iedereen moet natuurlijk voor zichzelf de rekening maken. Ik ben helemaal overtuigd, maar als je minder rijdt, komen de goedkopere merken van elektrische wagens financieel waarschijnlijk beter uit. Als je hem bedrijfsmatig gebruikt en de kosten kan inbrengen, is de terugverdientijd dan ook veel korter.”

 

Bond Beter Leefmilieu

Leef voor de Toekomst